Wanneer begrijpen niet langer volstaat, wie vertelt ons dan wat we voelen?
Ik geloof dat we ons bevinden in het midden van iets.
Niet aan het begin, niet aan het einde, maar in een overgangszone waarin verleden en toekomst elkaar raken.
We weten verrassend weinig over de eerste beschavingen. Over culturen die architecturale en artistieke sporen nalieten die vandaag nog steeds niet volledig te verklaren zijn. Monumentale structuren, organisch gevormde stenen, perfect gepositioneerd en verspreid over de hele wereld. Hun vormen lijken niet ontworpen “tegen” de natuur, maar “samen” met haar. Alsof steen, landschap en mens één denkend systeem vormden.
Die beschavingen leken de natuur niet te zien als grondstof, maar als gesprekspartner. Als een intelligentie waarmee rekening werd gehouden. Dat idee wordt vandaag snel als naïef of zweverig bestempeld alsof aandacht, afstemming en intuïtie geen plaats meer hebben in een volwassen wereldbeeld.
Toch is het precies dát wat ons ontbreekt.
Zelfs met onze huidige technologie begrijpen we niet hoe deze structuren werden gemaakt of hoe massieve stenen over enorme afstanden werden verplaatst. En terwijl we denken dat dit verleden vastligt, blijven we nieuwe lagen ontdekken. Scans onder de Egyptische piramides suggereren verborgen structuren, diep onder de grond alsof de aarde zelf geheugen draagt dat nog niet volledig is ontsloten.
Tegelijk bewegen we ons razendsnel richting een toekomst waarin rationeel denken steeds vaker wordt uitbesteed. Kunstmatige intelligentie analyseert, beslist en voorspelt sneller en efficiënter dan wij. Technologie is exact, maar niet belichaamd. Ze kent geen ritme, geen seizoenen, geen sterfelijkheid.
In dat proces dreigen we iets fundamenteels te verliezen:
het vermogen om open te staan voor wat zich niet meteen laat meten of bewijzen.
We hebben onszelf aangeleerd om dat domein te wantrouwen. Om alles wat niet direct verklaarbaar is weg te zetten als vaag, zweverig of irrelevant. Maar wat gebeurt er werkelijk wanneer we die deur sluiten? Worden we rationeler of simpelweg armer in ervaring?
Zijn we echt zo afgesloten geraakt dat we niet meer kunnen luisteren?
Niet naar de natuur.
Niet naar het lichaam.
Niet naar dat stille weten dat voorafgaat aan taal en logica.
Mijn werk bevindt zich in dat spanningsveld.
Tussen vergeten kennis en ongekende toekomst.
Tussen technologie en natuur.
Tussen analyse en intuïtie.
Ik zie kunst niet als een antwoord, maar als een onderzoeksruimte. Een plek waar vertraging mogelijk is. Waar vragen mogen bestaan zonder onmiddellijke oplossing. Waar het zogenaamde “zweverige” niet wordt weggewuifd, maar onderzocht, serieus, aandachtig, zonder cynisme.
Misschien is openstaan geen zwakte.
Misschien is het een vaardigheid die we opnieuw moeten leren.

Wat is nog echt?
Wat is nog echt?
Online zien we alles, altijd.
Maar kunnen we nog vertrouwen op onze ogen
of moeten we opnieuw leren voelen?
Waar brengt technologie ons naartoe?
Naar diepere verbinding
of naar grotere afstand van onszelf en de natuur?

